Nagelaten werk

Kritieken

Correspondentie

Beeld en geluid

Rektifikatie

 

Bron: Maatstaf, 16e jrg., nr. 3 (juni 1968), p. 295.
N.a.v. R.A. Cornets de Groot, Een tussenhistoriese figuur, in: Maatstaf, 15e jrg., nr. 10-11 (jan-feb 1968), p. 632-639.

[p. 295]

Door toedoen van Gerrit Kamphuis kreeg ik een eksemplaar van de tijdens de oorlog verboden, maar onder de toonbank goed verkochte bloemlezing Pro Patria ter inzage. Hij toonde mij dat het door mij in Een tussenhistoriese figuur (Maatstaf 10/11 ’68) genoemde De Israëlitische looverhut van A.C.W. Staring niet in dat boek staat. Met eigen ogen heb ik kunnen zien dat er niettemin genoeg gedichten in staan, waar een lezer anno 1940-1945 een emosionele lading in leggen kon, die die gedichten in oorsprong niet bezaten. Maar kennelijk was geen van die gedichten voor de vijand zo aanstootgevend als dit van Staring.
Samenstellers en uitgever besloten achteraf, dat de voorzichtige korrektor van de proef gelijk had. Starings gedicht werd gewipt. Het was nog filosemitieser dan ik dacht.

Tags:,


Ga verder naar Versbevrijding en het vers libre of terug naar Labirinteek - Sötemanspraat weerlegd.

Reageren

 

 

 

Gebruik eventueel deze html-tags.

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>