Klik hier voor het weblog van
Rutger H. Cornets de Groot.


Bloemlezing - Het persoonlijk systeem - De pedagogische Eros

Proefwerk Nederlands Havo 3 (1975)

Rudy Cornets de Groot



LEES eerst het gedicht zorgvuldig door en beantwoord daarna de volgende vragen en opdrachten:

VRAGEN EN OPDRACHTEN


1. Strofe I. Zeg r. 7 en 8 anders.
2. Strofe II. Beschouw deze strofe en geef op je werkblad aan welke van de volgende uitspraken de juiste is:
a. de vrouw kent de man beter dan de man de vrouw
b. de man kent de vrouw beter dan de vrouw de man
3. Strofe III. Waarom zijn r. 7 en 8 tegelijkertijd wèl en níet in overeenstemming met de rest van deze strofe?
4. Strofe IV. Waar ligt het leesaccent in r. 7?
5. Strofe IV. Hoe is de stelling in r. 7 en 8 te motiveren?
6. Strofe V. Zeg r. 7 en 8 in eigen woorden.
7. Strofe VI. Verklaar r. 3 en 4.
8. Geef aan dat dit gedicht niet door een vrouw geschreven kan zijn.
9. Geef in een overzichtje aan waarin poëzie als deze verschilt van die van Vader Abraham (of een daarmee gelijk te stellen figuur), en waarin ze daarmee overeenkomt.
10. In 1975, het jaar van de vrouw, zou dit gedicht een wapen kunnen zijn tegen de emancipatie van de vrouw. Hoe zou een voorstander/ster van vrouwenemancipatie zich tegen deze geestige en ironische voorstelling van de vrouw kunnen verweren?
Schrijf dit verweer in minimaal 150 woorden, en ga daartoe het gedicht strofe voor strofe na.



 

Gegevens leerling:

Naam:
Adres:
Postcode:
Plaats:
Land:
E-mailadres: