Een neef waar nooit iemand uitstapt

Kom hier niet kuieren. Niet stoppen. Rij door.

Met deze drie regels opent de nieuwe bundel Je ziet hier iedereen voorbijkomen – De Westerparkse gedichten van Hans Kloos (1960). Hierin heeft Kloos de gedichten bijeengebracht die hij de afgelopen vier jaar als ‘stadsdeeldichter’ van het Amsterdamse Westerpark heeft geschreven. Die functie . . . → Vervolg: Een neef waar nooit iemand uitstapt

»

Een antwoord uit het verleden

Wie mij een beetje kent, kan zich allicht voorstellen dat ik me wel eens afvraag hoe mijn vader, met wiens nalatenschap ik inmiddels bijna 20 jaar in de weer ben, zich in deze tijd tot de wereld verhouden zou hebben. Zou hij een computer hebben gehad? Antwoord: ja, want die had hij immers al, . . . → Vervolg: Een antwoord uit het verleden

»

Nog een keer over vertalen

In een discussie op de Contrabas naar aanleiding van mijn Lucebert-vertaling in het vorige bericht schrijft collega-vertaler Catharina Blaauwendraad onder meer: “De auteur brengt zijn bedoelingen gewoonlijk tot uiting in de letter van de brontekst.”

Dat klinkt zo vanzelfsprekend, zo onontkoombaar logisch, dat je tegen de geïmpliceerde gevolgtrekking – hou je . . . → Vervolg: Nog een keer over vertalen

»

Lucebert vertalen

De vraag of een vertaler ‘dienstbaar’ moet zijn aan tekst en auteur, ‘zijn plaats moeten kennen’, en meer van zulke, de creativiteit indammende vermaningen word ik niet gauw moe. Gisteren was het weer zover, uiteraard op Facebook (daarbuiten is alle leven onmogelijk geworden). Ik dacht dat het wel aardig zou zijn om de discussie aan . . . → Vervolg: Lucebert vertalen

»

Rudy Kousbroek, Vijftiger tout court

Eén keer heb ik hem ontmoet, bij mij thuis nog wel, in 1996. Wim Hazeu, de beoogde uitgever, had me geadviseerd om iemand van naam en faam te vragen voor het schrijven van een inleiding bij een keuze die ik uit mijn vaders werk had gemaakt. Mijn idee om Kousbroek daarvoor te benaderen was uitsluitend . . . → Vervolg: Rudy Kousbroek, Vijftiger tout court

»