Start » Met schrijvers » Correspondentie Adriaan Roland Holst (1968)

Correspondentie Adriaan Roland Holst (1968)

 

1 brief.
Bron: Letterkundig Museum.
A. Roland Holst op p. 16 van Cornets de Groots bundel 'De open ruimte'.A. Roland Holst op p. 16 van Cornets de Groots bundel ‘De open ruimte’.

 

1. Cornets de Groot aan Adriaan Roland Holst

[Brief in handschrift, 1 blz.]

Den Haag 29 mei 1968.

Beste Jany, 1

Aanvankelijk was ik van plan m’n opwachting bij je te maken op de daartoe vastgestelde dag ter ere van je verjaardag 2 en het jubileum van het naar jou genoemde fonds. 3 Een plots opkomende vlaag van mensenvrees en mijn “normale” gebrek aan aanpassingsvermogen – en m’n goeie plan viel in duigen. 4 De 20e juni moet ik echter in Bergen zijn, 5 en dan hoop ik je te bezoeken als ‘t je schikt. ‘t Is dan wel te laat voor felicitaties, maar ‘t lijkt me after all toch een wat persoonlijker gebaar dan ‘t zich vertonen in een menigte mensen waarin ik (in ieder geval) verloren ga. Ontvang daarom a.u.b. langs deze weg mijn welgemeende gelukwensen met je verjaardag en maak er een onvergetelijke dag van, de eerste! Mag ik de 20e even bellen, of mijn komst je niet hindert die dag?

Met vriendelijke groet en de beste wensen

je Rudie.





NOTEN
  1. In januari 1965 publiceerde Cornets de Groot in Maatstaf zijn vijfde essay, Domesdaybook, over A. Roland Holst. In De kunst van het falen vertelt hij: “Wij ontmoetten elkaar naar aanleiding van deze toetsing van zijn planetaire conceptie aan een ver jeugdwerk.” En in 1976, bij Roland Holsts overlijden: “In Den Haag waar hij bij Bert Bakker voor mirakel lag, heb ik hem vaak opgezocht. In die tijd schreef de goede Harry Scholten die per toeval journalist was geworden, doodzenuwachtig een necrologie op de onsterfelijke, die natuurlijk nooit gepubliceerd werd. Als we wandelden over het Voorhout, op weg naar de Posthoorn, steunde hij op mijn arm. Voorbijgangers die hem niet herkenden, keken mij onzeker aan.” (De verwarring des geestes). ↩
  2. Roland Holst werd op 23 mei tachtig jaar. Op 1 juni werd deze gebeurtenis gevierd, in aanwezigheid van onder meer prinses Beatrix, prins Claus en minister Marga Klompé van CRM. Klompé hing Roland Holst bij die gelegenheid de onderscheiding van commandeur in de orde van Oranje Nassau om. Zie hier een gefilmd verslag. ↩
  3. Het Roland Holst Fonds, in de geest van de naamgever “opgericht om op bescheiden schaal individuele kunstenaars te steunen die in Bergen en omgeving wonen en werken en voor bijzondere omstandigheden geld nodig hebben”, vierde in 1968 zijn tienjarig jubileum. ↩
  4. In Intieme optiek vertelt Cornets de Groot: “Niemand die zo denkt, ontmoet zijn meesters ongestraft. Op de uitnodiging van Roland Holst om het stadium van jij en jou in te gaan, zei ik lullig ‘alstublieft meneer’ waarop hij reddend lachte. Erger was de receptie ter gelegenheid van Vestdijks zeventigste verjaardag. Ik stelde me voor, prevelde mijn gelukwens en probeerde te ontkomen. Hij weerhield me vriendelijk genoeg en zei: ‘Interessant u te ontmoeten’, waarop ik, over mijn schouder heen en in de diepste verwarring fluisterde – men raadt het nooit: ‘Dat vind ik nou ook.’ Tegenover reuzen hou ik geen stand. Ik hoef ook niet. Ik kijk tegen ze aan en hoop dat ze me over het hoofd zien. Mindere goden lukt dat ook met opzichtig gemak.” (Intieme optiek, p. 72). ↩
  5. Ongetwijfeld op bezoek bij Lucebert, mogelijk om een exemplaar van Poëzie is kinderspel dat die maand het licht zag, te overhandigen. ↩

Correspondentie Aldert Walrecht (±1975) »

Reageren

U kunt deze HTML-tags gebruiken.

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>